Frisse scholen

Het hele huisvestingsvraagstuk zou naar onze mening structureel onderdeel moeten uitmaken van het ‘in control’ zijn van scholen. Een onderdeel van dit huisvestigingsvraagstuk is het binnenklimaat van scholen. Welke normen wil de school hierbij hanteren?

Binnenklimaat

Het programma "Frisse Scholen" kent een aantal klassen op het gebied van binnenklimaat, wat in een school gerealiseerd kan worden. Er zijn in totaal 3 klassen omschreven namelijk klasse A (zeer goed), B (goed) en C (acceptabel). Per klasse worden een aantal voorzieningen omschreven op bouwkundig, installatietechnisch en organisatorisch gebied, welke uitgevoerd kunnen worden om aan deze klasse te voldoen. Een van de belangrijkste speerpunten is het binnenklimaat. Dit wordt bepaald door maatregelen op het gebied van beheersing van de luchtkwaliteit en ruimtetemperatuur.

Beheersing luchtkwaliteit

Een goed binnenklimaat is van grote invloed op de prestaties en de gezondheid van de gebruikers. De bestaande scholen en redelijk nieuwe scholen scoren hier meestal onvoldoende op. De gebruikelijk klachten zijn benauwdheid, droge lucht en hoge temperaturen. Al deze punten zijn vaak terug te leggen op een minder goede ventilatie.

Om de oorzaak van de klachten beter in beeld te krijgen, is het goed om eerst te weten wat de situatie ter plaatse is. Is er bijvoorbeeld een ventilatie-installatie aanwezig is, waaruit is deze opgebouwd en wat zijn de ontwerpcondities? In de meeste scholen is zelfs geen ventilatie-installatie aanwezig en bestaat de ventilatiemogelijkheid uit te openen ramen of ventilatieopeningen in buitengevel. De luchtkwaliteit binnen wordt daarbij wel sterk afhankelijk van de weersomstandigheden buiten. Bovendien zijn deze ventilatieopeningen door de gebruikers in de meeste gevallen dichtgezet, omdat ze tochtverschijnselen genereren.

Wanneer het schoolgebouw nog geen ventilatie heeft zijn er verschillende mogelijkheden om de school te voorzien van een goede ventilatie installatie. Als eerste dient het schoolbestuur te bepalen aan welke klasse men wil voldoen. Klasse C (acceptabel) is de klasse welke toegepast mag worden bij renovatie. De klasse B (goed) is de huidige norm vanuit het bouwbesluit 2012. Bij nieuwbouw moet men dus altijd tenminste voldoen aan klasse B. Klasse A (zeer goed) is de hoogste klasse. Elke klasse heeft uiteraard zijn eigen investeringsniveau.

Elk schoolgebouw vraagt zijn eigen oplossing voor het ventilatiesysteem. Hierin zijn twee hoofdlijnen weer te geven namelijk: centraal of decentraal ventileren. De oplossing voor een centrale ventilatievoorziening vraagt over het algemeen meer ruimte en een stelsel van luchtkanalen in het gebouw. Je kunt ook in elk lokaal een ventilatievoorziening aanbrengen. Door verschillende leveranciers in de installatiemarkt is hierop ingesprongen en ze hebben allemaal daarvoor diverse oplossingen. Elke systeemoplossing heeft ook zijn eigen voor- en nadelen als het gaat om de inpassing in het schoolgebouw.

Om te kunnen besparen op de energie die nodig is voor de ventilatie, worden een warmtewiel en CO2 sturing toegepast in het ventilatiesysteem. Het warmtewiel haalt restwarmte uit de lucht van de lokalen en geeft deze af aan de verse buitenlucht. Hierdoor is er een besparing van zeker 60% en hoger mogelijk aan energie welke nodig is om koude buitenlucht op te warmen. CO2 sturing heeft ook een belangrijke bijdrage aan de installatie. Met de meting van het CO2 gehalte in de ruimte, wordt bepaald of er verse lucht nodig is, om voldoende zuurstof te waarborgen voor de aanwezige leerlingen. Wanneer er dus geen leerlingen aanwezig zijn wordt er minimaal lucht ingeblazen en zal dus de ventilator minder stroom afnemen doordat deze minder hard hoeft te werken.

Temperatuurbeheersing

Een tweede belangrijk onderdeel is de temperatuurbeheersing in een schoolgebouw. Om dit goed te kunnen beheersen zijn de instellingen van stooklijn en ruimtetemperaturen van groot belang. Bij verkeerde uitgangspunten of verkeerde instellingen wordt het al gauw te warm in de ruimte en zal dit als onprettig worden ervaren. Het gebruik van de ruimte en de installatie door de gebruiker is ook een zeer belangrijke factor hierin. Door de hoge isolatie eisen uit het bouwbesluit zal er eerder koeling nodig zijn in schoolgebouwen, om oververhitting te voorkomen. Dit kan ook op allerlei manieren worden gerealiseerd, ook exploitatievriendelijke.

Zoals al aangegeven zou ook het huisvestingsvraagstuk een structureel onderdeel moeten uitmaken van het ‘in control’ zijn van scholen, waarbij het steeds van belang is om eerst de norm te bepalen, zoals hier voor het binnenklimaat.

 

Wilt u reageren of meer informatie?